Sprint-à-deux
door Hans Stevens // Soigneur

“Il faut souffrir pour être heureux”. Guido Belcanto haalt deze Franse wijsheid aan in een documentaire over de totstandkoming van de Sint-Willebrord sessies, een album met Nederlandstalige wielersongs. Op de website van de filmmaker wordt Sint-Willebrord, onder de rook van Breda, de wielerhoofdstad van Nederland genoemd. Geboorteplaats van Wim van Est, wat Wagtmansen en ook nog Jacques Hanegraaf.
Over de waarheid van de stelling mag je twijfelen. Zo lang het causale verband één kant op gaat zal het wel zo zijn. Om gelukkig te zijn helpt het als je eerst geleden hebt. Maar of het een wetmatigheid is dat uit lijden altijd geluk voortkomt…
Zolang lijden als synoniem gebruikt wordt voor fietsen kan ik leven met de Franse wijsheid. En als de term gelukkig dan ook nog wat opgerekt mag worden tot nostalgie, dan klopt-ie helemaal. De korte lijdensweg van Wim van Est op weg naar de bodem van een Frans ravijn, leidt tientallen jaren na dato nog steeds tot fijne warme gevoelens. En één van de Sint Willebrord sessies is Elefantino door Guido Belcanto. Elefantino maakte lijden tot zijn handelsmerk, was het niet gelukzalig zegevierend op de steile hellingen van een machtige berg, dan was het wel op een eenzame hotelkamer met amfetamines en andere tot geluk stemmende preparaten. Veel Italianen kunnen niet anders dan verheerlijkt wegdromen als ze denken aan het lijden van de Tour- en Girowinnaar van 1998.
Kan een wielerkoers, waarin lijden tot kunst wordt verheven, een mooiere naam hebben dan La corsa delle foglie morte, in het Nederlands vertaald naar De koers van de vallende bladeren? O, Il Lombardia met je herfstzon en lange schaduwen, ach Johannes Sigmond…
Toen ik een jongetje was fietste ik met vriendjes elke dag na school onze eigen Lombardia: de ‘Ronde van Plan West II voor jongetjes’. Plan West II, een zeventiger jaren pre-Vinexwijk in Dongen (onder de rook van Sint-Willebrord). We vernoemden onszelf naar de renners van toen. Ik wilde graag Hennie Kuiper zijn, die in 1977 en 1978 zijn hoogtijdagen vierde in de Tour de France. Maar een nogal dominant vriendje eiste de naam Kuiper al op. Mijn lijden hierover veranderde in geluk toen mijn gedwongen alter ego Henk Lubberding in 1980, in een machtige touretappe van 282 kilometer, wegsprong uit een kopgroep met naast hem vier Belgen, om op glorieuze wijze te gaan winnen in Luik (!). Waarmee hij tegelijkertijd het Tourgeluk van Joop Zoetemelk inleidde na diens jarenlange lijdensweg van tweede plaatsen.
Drie jaar lang zag ik het rotvriendje niet. In april 1983 kwam ik hem weer tegen, en heb ik nog één keer geleden onder zijn zuigend triomferende lachje. Niet gespeend van een vijandelijke vorm van nostalgie vroeg hij me of ik hem dat weekend gezien had op TV, héérlijk lijdend met dat wiel in zijn hand in de door hem gewonnen klassieker Parijs-Roubaix. En wat was ik dus wraakzuchtig gelukkig toen ik een paar maanden later in de Touretappe naar Saint-Etienne mijn medevluchter Michel Laurent honderd meter voor de streep in een sprint-á-deux, op meesterlijke wijze in de hekken reed. Voor wie nooit begrepen heeft waarom ik dat deed: Ik stelde me voor dat Laurent die pestkop was.
Fietsen doe ik nog steeds. Lijden dus ook. Na het werk met een net iets te zware vouwfiets in de benauwde metro naar het beangstigende De Akkers. Naar Abbenbroek met altijd een felle tegenwind op de Lageweg richting Simonshaven. Maar wat een geluk als ik bij aankomst mijn lief in de ogen kijk en wegdroom in haar armen, luisterend naar de troostende klanken van de Sint-Willebrord sessies…
Deze post verscheen ook op ikdoehetmyway.nl een website over mobiliteit
Posted on Friday, July 13th 2012
Tags Hans Stevens en Soigneur Il Lombardia Sint-Willebrord sessies lijden http://www.ikdoehetmyway.nl ikdoehetmyway

Notes